Nieuwe column Jan Notermans
09.02.2010Na het zien van de laatste thuiswedstrijd tegen Excelsior (2-1) heb ik het stadion met een positief gevoel verlaten. Het elftal staat beter en voetbalt beter. Als de ploeg erin slaagt deze opwaartse lijn vast te houden, is het niet meer dan logisch dat Fortuna snel wedstrijden gaat winnen.
En als we een paar keer winnen, geraken we weg van de moeilijke positie waarin we op de ranglijst staan.
Onze spelers zijn individueel beter geworden en lijken zich beter op hun plek te voelen. Het elftal is als geheel gegroeid. De aanwinsten Linssen, De Boer en Gommans zullen beslist hun rol daarin hebben gehad. Het elftal zag er niet alleen degelijker uit, de uitstraling was ook navenant. Ik zag iets van: wij weten wat we doen, wat kan ons in feite gebeuren! In deze wedstrijd niet veel, want Excelsior bracht Fortuna nooit in grote problemen.
Met Edwin Linssen en Yoann de Boer heeft Fortuna zich versterkt. Je ziet aan Linssen dat hij een goede voetballer is: hij is een spelmaker, een slimme vos die het spelletje in de smiezen heeft. De ontwikkeling van het elftal zal mede afhangen van zijn vorm. Achterin heeft Yoann de Boer de zaken prima voor elkaar. Zijn aanwezigheid maakt onze andere verdedigers en keeper sterker. Danny Wintjens zal zich met zo’n man voor zich een stuk zekerder voelen. Over Harry Gommans kan ik nog niet veel zeggen; ik hoop dat hij snel fit is en voldoende wedstrijdritme kan opdoen om voor Fortuna waardevol te zijn.
Er stond tegen Excelsior gelukkig een dijk van een spits in de voorhoede: Zarko Grabovac. Zarko speelde in de spits alsof hij nooit anders had gedaan. Hij maakte een mooie treffer met het hoofd (tegendraadse kopbal), was sterk aan de bal en verdeelde het spel goed. Grabovac beschikt over een geweldige mentaliteit door zich terug te knokken in het elftal en zich op deze manier te manifesten.
Al met al heb ik voldoende lichtpuntjes gezien. Als Fortuna nog beter op elkaar ingespeeld raakt, kan het de komende weken alleen maar beter gaan. En dan komen de punten vanzelf, dat kan niet uitblijven.
Kom op mannen, aan ‘m!
Jan Notermans
<< terug


























